Toerclub Voorne-Putten
Het is van belang dat toerfietsers op de hoogte zijn van eventuele risico’s tijdens de tochten.
Veiligheid is het bewust nemen van aanvaardbare risico’s. Totale veiligheid bestaat niet!
Risico’s zijn verbonden met alle aspecten uit het leven, dus ook met het bedrijven van de fietssport.
Een risico is aanvaardbaar als het gevaar zoveel mogelijk beperkt wordt, zowel voor jezelf als voor anderen. Door veilig gedrag op de fiets wordt het risico verkleind.
We maken onderscheid tussen actieve en passieve veiligheid.
Actieve veiligheid betekent allerlei handelingen die je op de fiets doet om de veiligheid van jezelf , je medefietsers en
de overige weggebruikers te verhogen.
Passieve veiligheid betekent alle investeringen in je materiaal die je doet om ongevallen en/of schade te voorkomen
of de gevolgen hiervan te beperken.
Voorbeelden van actieve veiligheid:
Veiligheid
Wees je bewust:
1. hebben, betekent nog niet krijgen
10. Let op veranderende weersomstandigheden. Bij onweer direct stoppen, een schuilplaats zoeken en wachten tot de
bui over is.
1.
Houd je aan de verkeersregels, gebruik de aangegeven fietspaden, respecteer de verkeerslichten, enz.
2. Maak gebruik van een fietsbel.
3. Houdt zichtbaar rekening met anderen in het verkeer.
4. Geef tijdig aan welke richting je gaat volgen.
5. Blijf beleefd tegen andere weggebruikers.
7.
Waarschuw elkaar voor obstakels of gevaarlijke situaties door korte krachtige duidelijke woorden zoals VOOR, TEGEN, ACHTER, HOND enz.
6.
Wanneer je twee aan twee rijdt maak dan indien nodig bij b.v. een wegversmalling, achterop en tegemoet komend verkeer de weg z.s.m. vrij. Ezelsbruggetje: bij achterop komend verkeer en inhalen van obstakels gaat de fietser aan de hartlijn van de weg voor zijn partner rijden. Bij tegemoet komend verkeer gaat degene die aan de hartlijn van de weg rijdt achter zijn partner rijden.
8.
Houd afstand binnen de groep. Blijf minstens 50 cm achter het achterwiel van je voorganger.
9.
Wijs elkaar op gevaarlijke situaties zoals putten en scheuren in de weg, asfalt dat door wortels is opgedrukt, rommel op de weg, gevaarlijke bocht enz.
Voorbeelden van passieve veiligheid:
1. Zorg dat je fiets technisch in orde is, goed werkende derailleur, goed werkende remmen, goed
werkende pedalen clips, goed stuurlint enz.
2. Voer regelmatig onderhoud uit of laat dit door de vakman uitvoeren.
3. Draag altijd een goede deugdelijke valhelm en maak deze goed sluitend vast.
12. Blijf voldoende eten en drinken, vooral bij hitte.
13. Deponeer afval in de afvalbak.
2. en bovendien ............
11.
Blijf geconcentreerd fietsen. Let goed op zaken zoals een aflopende band, slecht werkende remmen, veranderd stuurgedrag van je fiets die het functioneren van je fiets nadelig beïnvloeden.